Mo Mohseni
Mo Mohseni schrijft Thuisthuis, over Azadeh die onverwacht voor diens vader moet zorgen. Wanneer de apparaten in het huis zich ermee gaan bemoeien en een voor Azadeh verborgen wereld aan het licht brengen, wordt die gedwongen anders naar diens vader, familie en zichzelf te kijken. Wat betekent voor iemand zorgen? Hoe goed kennen we de mensen die het dichtst bij ons staan? En wat betekent thuis wanneer je wortels ergens anders liggen? Mo wordt begeleid door Jibbe Willems."
Wanneer wist je voor het eerst dat schrijven of verhalen maken iets voor jou is?
In groep acht wilde ik heel graag de eindmusical schrijven. Ik was sowieso altijd al een aanpakkertje, maar om de een of andere reden ging ik hier meteen van aan. Ik denk dat het er vooral mee te maken had dat het een creatief proces was met een helder kader. Ik besloot een eigen versie te maken van Ik Hou van Holland, het programma dat we thuis altijd op oudejaarsdag keken. Best bijzonder, omdat we thuis vooral Perzisch spraken en naast de Nederlandse feestdagen ook de Iraanse vierden.
Het was absoluut niet mijn beste werk, maar ik kon er wel lekker mijn ei in kwijt en had er ontzettend veel plezier in.
Wat maakt het schrijven of misschien überhaupt bezig zijn met theater bijzonder voor jou?
Van huis uit heb ik meegekregen dat ik me moest focussen op de academische wereld, vaste baan, hypotheek, etc., etc. Maar dat pad heeft me nooit de voldoening van het theater en de bredere creatieve sector gegeven. Ik heb me altijd met kunst beziggehouden. Het begon bij klassieke muziek en ging later richting theater en film. Maar ik weet pas sinds een paar jaar dat er een kunstwerkveld is buiten de klassieke muziek en klassieke dans, waar je in principe van zou kunnen leven.
Mijn vader had me het liefst een baan zien kiezen die me zekerheid biedt. Gelukkig ziet hij inmiddels ook hoeveel plezier en voldoening ik haal uit het maken van kunst, al beschouwt hij theater nog altijd niet als een écht volwaardige kunstvorm. Omdat het grootste deel van mijn familie in Iran woont, waar de vrijheid om jezelf uit te drukken sterk wordt beperkt, voelt het als een voorrecht dat ik hier via theater verhalen kan vertellen.
Op de basisschool kreeg ik ondanks mijn maximale eindscores geen vwo-advies, omdat we thuis ‘niet of nauwelijks Nederlands spraken’. Dat mijn schrijfwerk nu wordt gezien, voelt daarom extra bijzonder.
Het stuk waar je nu aan werkt, waarom dacht je bij dit verhaal: hier moet ik iets mee?
In de herfstvakantie van 2025 schreef ik meerdere korte filmscripts. Uiteindelijk is er daarvan één verfilmd (Paringsdans) en bleven er drie liggen. Eén daarvan was het begin van Thuisthuis.
Ik wilde een stuk maken over de verschillende werelden van een eerste en tweede generatie migrant, omdat ik zelf meer dan af en toe een enorme afstand voel tussen het leven en het perspectief van mijn vader en die van mij. Het concept van een kind dat de leefwereld van diens vader leert kennen via zijn huishoudelijke apparaten heeft iets heel theatraals. Luchtigheid vind ik belangrijk. Ik houd ervan om humor te gebruiken als ik tegelijkertijd een dieper thema wil aansnijden. Ik voelde dat ik dat kwijt kon in de dialogen tussen de apparaten onderling en tussen de apparaten en het hoofdpersonage Azadeh, dat in het Perzisch vrijheid betekent.
Als iemand jouw verhaal straks hoort of leest, wat hoop je dat er dan bij hen gebeurt of achterblijft?
Ik hoop dat ze zeker af en toe moeten lachen of grijnzen tijdens het horen of lezen van het verhaal. Maar ik hoop dat ze ook wat nieuwsgieriger worden naar de mensen om zich heen: de mensen met wie ze in de lift staan en in de trein zitten, maar vooral ook hun naasten die in een heel andere tijd of op een hele andere plek zijn opgegroeid. Dat vind ik misschien wel een van de interessantste dingen aan het leven: dat je je telkens opnieuw kunt verwonderen over de mensen en de wereld om je heen.