Muze Brink
Muze Brink schrijft Ma petite poupée. Onder het steriele, witte licht van een fast-fashion winkel slijten een leeglopende oude vrouw en een kledingjunk hun dagen tussen de levenloze paspoppen. Wanneer een jonge vrouw binnenloopt voor een sollicitatie, slaat de sfeer om. Kleine misverstanden groeien uit tot een rituele ontwrichting. In Ma petite poupée botst een kapitalistische poppenkast op tegen de grenzen van consumentisme, ja-knikkende vrouwen en restjes hoop. Muze wordt begeleid door Jibbe Willems.
Wanneer wist je voor het eerst dat schrijven of verhalen maken iets voor jou is?
Ik was als kind een hele fanatieke lezer en ik voelde me altijd al sterk aangetrokken tot de veilige haven van de fictieve-wereld. Volgens mijn vader had ik een dichtershart. Ik denk dat je soms gewoon sterk aanvoelt dat iets heel waardevol en belangrijk is, en dat je er eigenlijk niet omheen kan. Dat had ik met schrijven.
Wat maakt het schrijven of misschien überhaupt bezig zijn met theater bijzonder voor jou?
Als ik mij heel erg kan vinden in een tekst of een toneelstuk dan voelt het net alsof iemand mijn vragen, ervaringen en emoties deelt, of dezelfde antwoorden zoekt. En dat je dan ook nog eens samen met het publiek kan ervaren dat je niet alleen bent; dat is heel bijzonder.
Het stuk waar je nu aan werkt, waarom dacht je bij dit verhaal: hier moet ik iets mee?
Ik vind het heel interessant hoe tegenstrijdig mensen zijn in hun verlangens. Zo wil ik zelf graag aan schoonheidsidealen voldoen, maar vind ik dit tegelijkertijd ook onzin. Je zou veel van deze tegenstrijdige verlangens kunnen afdoen aan het ‘systeem’ waarin je leeft - het kapitalisme, de consumptiemaatschappij. Maar het is super moeilijk om te begrijpen wat zo’n systeem is. En in dat niet begrijpen, maar wel doorleven, zit iets heel absurds en aan de andere kant ook emotioneels. Voor mij is dit toneelstuk een poging om dat te laten zien.
Als iemand jouw verhaal straks hoort of leest, wat hoop je dat er dan bij hen gebeurt of achterblijft?
Dat mag van alles zijn. Ik hoop dat mensen zich herkennen in de personages, ook al willen ze dat misschien liever niet. Dat de humor schuurt. Of dat we samen gewoon even verward kunnen zijn.